Увімкніть JavaScript або відкрийте цю сторінку в браузері, який дозволяє скрипти для polidict.com.
een klein, rond, sappig vruchtje dat aan struiken of planten groeit
zelfstandig naamwoord
Приклади:
• Ze plukte verse bessen uit de struik in de tuin.
• De cake was versierd met blauwe bessen en slagroom.